21 mei 2026

Snellere betalingen en hervorming gerechtskosten of aanhoudende betalingsachterstanden?

Op 27 maart 2026 verscheen de wet houdende de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 2026 in het Staatsblad. Alvorens de begroting voor dit jaar plenair werd aangenomen in het parlement, werden in de commissievergaderingen debatten gevoerd over het te voeren beleid en de begroting van de verschillende beleidsdomeinen. Tijdens de bespreking van de federale begroting 2026 in de Kamercommissie Justitie kreeg ook de situatie van beëdigd vertalers en tolken aandacht.

Minister belooft beterschap via digitalisering

In haar beleidsnota Justitie 2026 erkende minister van Justitie Annelies Verlinden dat de gerechtskosten - waaronder de vergoedingen voor tolken en vertalers - de voorbije jaren sterk zijn gestegen door onder meer de internationalisering van strafonderzoeken, georganiseerde criminaliteit en de toenemende meertaligheid in gerechtelijke procedures.

De minister kondigde aan dat Justitie volop inzet op de digitalisering van de gerechtskosten. Het verplicht maken van het platform JustInvoice voor de digitale indiening van facturen en kostenstaten zou volgens de minister moeten leiden tot een volledig digitale verwerking en snellere uitbetalingen.

Brede politieke bezorgdheid over aanhoudende betalingsachterstanden

Verschillende parlementsleden kaartten de aanhoudende betalingsachterstanden aan. Daarbij werd gewezen op situaties waarbij gerechtsdeskundigen, tolken en vertalers maanden - soms zelfs jaren - moeten wachten op hun vergoeding. Ze wezen er ook op dat digitalisering op zich onvoldoende is om de structurele betalingsproblemen op te lossen.

Aurore Tourneur (van coalitiepartij Les Engagés) benadrukte de precaire financiële situatie van veel beëdigd vertalers en tolken en stelde vragen over de structurele onderfinanciering van de taxatiebureaus, de verouderde tarieven uit 2016 en het ontbreken van een concreet tijdpad voor hervormingen.

Ook volksvertegenwoordiger Stefaan Van Hecke (Ecolo-Groen) wees op de kloof tussen het voorziene budget en de werkelijke uitgaven voor gerechtskosten in strafzaken. Hij vroeg garanties dat de betalingsproblemen zich in 2026 niet opnieuw zullen voordoen.

Hervorming tarieven en controlemechanismen aangekondigd

In haar antwoorden erkende minister Verlinden dat de financiële situatie van veel tolken en vertalers precair is. Ze stelde dat het actieplan rond gerechtskosten een meerjarenproject wordt dat de volledige legislatuur zal beslaan.

Belangrijke elementen uit dat actieplan zijn:

  • vereenvoudiging en digitalisering van de controleprocedures;
  • meer gecentraliseerde controle;
  • een hervorming richting meer forfaitaire tarieven;
  • overleg met de beroepsgroepen over de praktische uitvoering.

De minister gaf ook toe dat de huidige tariefstructuren moeilijk toepasbaar zijn in de praktijk, al ontkende ze dat tarieven arbitrair zouden worden toegepast.

Achterstallige betalingen en intresten

Volgens de minister waren de betalingsproblemen in 2025 niet het gevolg van een tekort aan middelen, maar van de laattijdige vrijgave van budgetten binnen een atypische begrotingscyclus. Daardoor liepen de verwijlintresten op tot 4,3 miljoen euro - een bedrag dat volgens haar volledig zal worden betaald.

Om toekomstige problemen op te vangen, blijft de regering werken met een interdepartementale provisie voor gerechtskosten.

Veel vragen blijven onbeantwoord

Hoewel de beleidsnota van de minister belangrijke engagementen lijkt te bevatten, blijven veel vragen voorlopig onbeantwoord. Concrete deadlines voor de hervorming van de tarieven en structurele oplossingen voor betalingsachterstanden ontbreken voorlopig nog.

Lees hieronder een selectie uit de beleidsnota van minister Annelie Verlinden en vragen en opmerkingen van volksvertegenwoordigers Marijke Dillen (VB), Philippe Goffin (MR), Aurore Tourneur (Les Engagés), Stefaan Van Hecke (Groen), de antwoorden van minister van Justitie Annelies Verlinden en de repliek van Aurore Tourneur (Les Engagés).

De commissie heeft de beleidsnota van de minister van Justitie, belast met de Noordzee besproken tijdens haar vergaderingen van 4, 11, 24 en 25 februari 2026.

[Geselecteerde uittreksels relevant voor vertalers en tolken en gerechtskosten in strafzaken]

I. - INLEIDENDE UITEENZETTING

Mevrouw Annelies Verlinden, minister van Justitie, belast met de Noordzee, zet de krachtlijnen uiteen van haar beleidsnota Justitie 2026 (DOC 56 1282/017).]

[Uittreksel gewijd aan de gerechtskosten]:

Optimaal beheer van de gerechtskosten

De gerechtskosten, die inzonderheid de erelonen van de gerechtsdeskundigen, de vertalers en tolken, de DNA-onderzoeken en de diverse vorderingen van experten in strafzaken dekken, kennen een aanzienlijke groei door de toegenomen verwachtingen van rechtszoekenden, de groei van de georganiseerde criminaliteit, de toegenomen aanwezigheid van verschillende talen in gerechtelijke procedures, de mensenhandel, en de overal verspreide criminaliteit.

Om die groei in de hand te houden, moeten we het wetgevend kader van de gerechtskosten herzien en de betaling versnellen door de werk- en controleprocedures en de organisatie ervan te optimaliseren en digitaliseren. Daarvoor is in samenwerking met de FIA en de Inspectie van Financiën een actieplan uitgewerkt waarvan de uitvoering nauwgezet wordt opgevolgd.

De bedoeling is om op korte termijn het gebruik te verplichten van JustInvoice, de toepassing die toelaat om digitaal facturen en kostenstaten in te dienen door de gerechtsexperten. Deze quick win moet eveneens de betaaltermijnen positief beïnvloeden. Dit moet resulteren in een volledig digitale instroom, verwerking, beheer, controle en betaling voor wat betreft de gerechtskosten.

II. - BESPREKING

A. Vragen en opmerkingen van de leden

Mevrouw Marijke Dillen (VB):

Vervolgens houdt de minister in haar beleidsnota terecht een pleidooi voor een optimaal beheer van de gerechtskosten. Maar de wijze waarop de minister dit wenst te bereiken, blijft vaag. Wanneer zal de minister met een wetgevend initiatief komen om de gerechtskosten te herzien en, vooral, om de betaling te versnellen? De minister heeft blijkbaar reeds een actieplan uitgewerkt met de FOD Financiën waarvan zij de uitvoering nauwkeurig zal opvolgen. Kan de minister hierover meer toelichting geven? Wat is de inhoud hiervan? Wat is de stand van zaken betreffende de realisatie? Mevrouw Dillen meent dat de minister hier kordaat en snel dient te handelen want alleen met het verplicht gebruik van JustInvoice zal het niet lukken.

De heer Philippe Goffin (MR):

Een ander essentieel punt voor de MR-fractie is de problematiek rond de betaling door Justitie van de erelonen van gerechtsdeskundigen, vertalers, tolken of pro-Deoadvocaten, die maanden of zelfs jaren moeten wachten op hun vergoeding. Dat is onaanvaardbaar en onbegrijpelijk, gezien de hedendaagse IT-middelen.

Mevrouw Aurore Tourneur (Les Engagés):

  • Beëdigd vertalers en tolken

De spreekster vestigt de aandacht op de situatie van de beëdigd vertalers en tolken, die een essentiële maar vaak onzichtbare rol spelen in de gerechtelijke wereld. Ze benadrukt de financiële onzekerheid van veel zelfstandigen, die nog wordt verergerd door de buitensporig lange betaaltermijnen, en beschouwt het in de beleidsnota vermelde actieplan als ontoereikend.

Dat roept bij de spreekster een aantal vragen op. Erkent de minister dat de taxatiebureaus structureel ondergefinancierd zijn? Hoe kan dat worden verklaard? Welke maatregelen worden overwogen om betalingen binnen redelijke termijnen te garanderen?

Ze benadrukt bovendien dat het besluit van 2016 tot vaststelling van de tarieven voor de prestaties achterhaald is en dat het naargelang van de bureaus op willekeurige wijze wordt toegepast. Ze vraagt of de minister zich ertoe verbindt om tijdens de legislatuur, in samenspraak met de sector, een nieuw tariefbesluit aan te nemen.

Ze informeert ook naar het tijdpad voor de inwerkingtreding van het besluit betreffende bij- en nascholing, om te voorkomen dat beëdigde vertalers en tolken bij de hernieuwing van hun erkenning in 2028 worden benadeeld.

Het lid benadrukt de dringende noodzaak om een duidelijk kader vast te stellen voor het gebruik van artificiële intelligentie en voor de beveiligde uitwisseling van gevoelige documenten, teneinde de bescherming van het beroepsgeheim te waarborgen. Wat is de visie van de minister daarover?

Tot slot waarschuwt de spreekster voor de toenemende kwetsbaarheid van het beroep en dringt zij aan op een vast tijdpad voor de aangekondigde hervormingen, aangezien digitalisering op zichzelf geen afdoende antwoord is in haar ogen.

De heer Stefaan Van Hecke (Ecolo-Groen):

Vorig jaar uitte de magistratuur duidelijk zijn ongenoegen over de structurele onderfinanciering, de personeelstekorten, de verouderde infrastructuur en de trage digitalisering. Tijdens protestacties, inclusief vrije tribunes en persberichten, werd gepleit voor een ambitieus en gedragen langetermijnvisie, voldoende middelen en personeel, een hedendaagse infrastructuur, een transparant pensioenstelsel dat de zwaarte en de verantwoordelijkheid van het ambt weerspiegelt en een effectieve en humane strafuitvoering. Niet alleen magistraten trokken aan de alarmbel. Ook gerechtsdeskundigen, tolken, gerechtelijk personeel, politiediensten, takeldiensten en prodeo-advocaten klagen over late of onvolledige betalingen. Dit zijn terechte en urgente vragen. De werven zijn talrijk en groot. Het lid meent dat de minister nu, een jaar later, voldoende tijd heeft gehad om concrete antwoorden te formuleren op deze vele bekommernissen. Het is dan ook met die bril op dat de heer Van Hecke de beleidsnota overloopt.

(…)

Over de gerechtskosten in strafzaken

Commissielid Van Hecke vraagt ook aandacht voor de gerechtskosten in strafzaken.

• Budget en structurele onderfinanciering

In de algemene uitgavenbegroting 2026 wordt ongeveer in 106,5 miljoen euro voorzien voor de gerechtskosten in strafzaken, terwijl de reële uitgaven in 2023 en 2024 respectievelijk circa 112,5 en 113 miljoen euro bedroegen.

Hoe verantwoordt de minister dat het voorziene budget opnieuw lager ligt dan de historische reële uitgaven, terwijl tegelijk een indexatie van 2,23 % en mogelijke verwijlintresten bij laattijdige betaling bijkomende druk op het budget zetten? Op basis van welke ramingsmethodologie meent de minister dat dit budget volstaat?

Kan een volledig overzicht worden gegeven van de reële uitgaven voor gerechtskosten in 2025, inclusief eventuele bijkomende kredieten en reallocaties, en kan worden toegelicht hoe deze cijfers werden meegenomen in de begroting 2026?

In haar antwoord op een mondelinge vraag in december 2025 stelde de minister dat 18 miljoen euro via reallocatie moest worden toegevoegd aan de begrotingsartikelen voor gerechtskosten en dat via de IDP Veiligheid bijkomende middelen werden voorzien om structurele tekorten te vermijden.

Welke structurele oplossingen zijn sindsdien effectief doorgevoerd zodat dit jaarlijkse tekort zich niet opnieuw voordoet in 2026?

• Betalingsachterstanden en concrete impact op dienstverleners

Het lid vestigt de aandacht erop dat in december 2025 betalingen voor vele dienstverleners pas zeer laat in het jaar opnieuw op gang kwamen met in sommige gevallen uitbetalingen pas rond of na 23 december 2025 en zelfs nog in januari 2026.

Wat was de gemiddelde en maximale betaaltermijn in 2025? Hoeveel facturen of kostenstaten stonden op 31 december 2025 nog open?

Dienstverleners signaleren dat laattijdige betalingen reële financiële schade veroorzaken, bijvoorbeeld doordat zelfstandigen daardoor hun fiscale verplichtingen niet tijdig kunnen nakomen.

Welke maatregelen worden genomen om te garanderen dat gerechtskosten systematisch binnen een voorspelbare termijn worden betaald?

Ondertussen heeft de minister gezegd dat de intresten kunnen oplopen tot 4,3 miljoen euro. Zijn daarvoor de nodige kredieten voorzien?

• JustInvoice, Peppol en hun praktische implementatie

De heer Van Hecke merkt op dat de minister verwijst naar digitalisering via JustInvoice en Peppol als oplossing voor de betalingsproblemen. In de praktijk ontvingen de betrokken dienstverleners evenwel pas op 23 december 2025 richtlijnen hierover en signaleren zij dat de implementatie ervan nog onduidelijk en onvolledig is.

Wat is de concrete implementatieplanning voor Peppol en JustInvoice per categorie van dienstverleners (tolken, vertalers, deskundigen, …)? Welke ondersteuning en overgangsmaatregelen worden voorzien voor zelfstandigen die zich moeten aanpassen aan deze systemen?

Hoeveel facturen voor gerechtskosten werden in 2025 effectief via JustInvoice of Peppol verwerkt en welke verbetering in betaaltermijnen kon daardoor worden vastgesteld?

• Opvolging

In januari 2026 hebben de beroepsverenigingen van tolken en vertalers opnieuw publiek alarm geslagen over de achterstallige betalingen. Welke structurele dialoog en overlegmechanismen bestaan vandaag met deze beroepsgroepen om betalingsproblemen proactief op te volgen?

De spreker wijst erop dat de minister bij de bespreking van de beleidsnota in 2025 benadrukte dat tijdige betaling van partners een kwestie van respect is en essentieel voor een goede rechtsgang. Hoe verklaart zij dat ondanks bijkomende kredieten en aangekondigde hervormingen betalingsachterstanden zich opnieuw voordeden eind 2025 en begin 2026? Welke concrete garanties zijn er dat dit zich in 2026 niet opnieuw zal voordoen?

B. Antwoorden van de minister

De tijdige en correcte betaling van de gerechtsdeskundigen, tolken en vertalers is voor mij een speerpunt. Net zoals de overbevolking van de gevangenissen is dat een problematiek die al decennia aansleept omdat de budgettering ervan zeer moeilijk verloopt gelet op het onvoorspelbaar karakter van deze gerechtskosten aangezien deze afhankelijk zijn van de vorderingen in strafonderzoeken.

De minister maakt daar nu eindelijk werk van en beseft dat het een werk van lange adem zal zijn. Een koppeling aan JustInvoice is een onderdeel van het actieplan gerechtskosten. De controle zal vereenvoudigd en gedigitaliseerd worden.

Het is de bedoeling om zoveel mogelijk tot forfaitaire tarieven te komen en rekening te houden met de technische evoluties die een impact hebben op de dienstverlening. Deze acties worden in samenwerking met de beroepsgroepen en vaak ook met de politie (aankoop speekseltesten, takelkosten) ondernomen en vergen veel overleg.

De minister gaat er dan ook van uit dat de uitvoering van dit actieplan de volledige legislatuur in beslag zal nemen. Het actieplan gerechtskosten is het gevolg van de spending review gerechtskosten en er wordt regelmatig aan de Inspectie van Financiën en FIA over gerapporteerd.

In antwoord op mevrouw Tourneur bevestigt de minister dat ze zich bewust is van de precaire financiële toestand van sommige tolken en vertalers, veroorzaakt door laattijdige betalingen van Justitie. Justitie is evenwel niet altijd hun enige klant en hun beroep wordt bedreigd door technologische evoluties.

De problemen van de uitbetaling van de gerechtskosten in 2025 waren niet te wijten aan een gebrek aan middelen maar aan de late terbeschikkingstelling van de middelen door een atypische begrotingscyclus. Er is immers een verschil tussen het toegezegd krijgen van de middelen en het kunnen uitgeven van de middelen. Spijtig genoeg heeft dit ook tot verwijlinteresten geleid ten belope van 4,3 miljoen euro die, zo garandeert de minister, betaald zullen worden. Er was zelfs een buffer voorzien op de interdepartementale provisie Veiligheid van 17 miljoen voor de gerechtskosten die gebruikt is moeten worden omdat inderdaad een herverdeling van 18 miljoen euro mogelijk was op basis van de begrotingsruiter. Ook voor 2026 is deze "buffer" tot betaling van de gerechtskosten voorzien op de interdepartementale provisie.

Op aangegeven van de tolken en vertalers is de overgang naar Peppol goed voorbereid zodat de betaling van de gerechtskosten geen grote problemen zou opleveren.

Ook met de gerechtsdeskundigen wordt regelmatig overlegd om de problemen op het terrein op te lossen. De minister kan niet bevestigen dat de tarieven arbitrair worden toegepast, maar wel dat de tariefstructuren moeilijk toepasbaar zijn op het terrein. Om incoherenties in de toepassing te verminderen zal teruggekeerd worden naar een gecentraliseerde controle die gedigitaliseerd zal worden om minder menselijke tussenkomsten te vereisen.

(…)

Wat betreft de vraag van de heer Van Hecke naar gedetailleerde cijfers betreft over de uitgaven 2025 van de gerechtskosten en de openstaande bedragen eind 2025, verzoekt de minister om een schriftelijke vraag in te dienen.

(…)

De minister licht toe dat de techniek van de interdepartementale provisie (IDP) al enkele jaren wordt gebruikt om strategische investeringen te begroten waarvan de operationele nadere regels nog niet volledig zijn gespecificeerd. Ze wijst erop dat die techniek ook de begrotingssamenwerking tussen meerdere departementen vergemakkelijkt en dat elk dossier dat onder de interdepartementale provisie valt aan begrotings- en beheerscontrole is onderworpen, wat de transparantie van de concrete uitvoering waarborgt.

Ze stipt aan dat alle projecten in de IDP's gericht zijn op de uitvoering van het regeerakkoord of de oplossing van al lang bestaande problemen binnen Justitie, zoals de overbevolking in de gevangenissen, de digitalisering, de gerechtskosten of het gebrek aan investeringen in gevangenis- en gerechtelijke infrastructuur. Volgens de minister is de bestemming van de extra middelen welbekend, ondanks de techniek van de interdepartementale provisie.

(…)

C. Replieken en aanvullende vragen en antwoorden

Mevrouw Aurore Tourneur (Les Engagés) vestigt de aandacht van de minister op de rol van de beëdigd vertalers, tolken en vertalers-tolken voor slachtoffers in de justitiële keten. Zij zal aangaande de achterstallige betaling van hun werkzaamheden een schriftelijke vraag indienen.

De minister benadrukt dat de interdepartementale provisies en budgettaire bijbepaling begrotingstechnieken zijn die wettelijk worden toegestaan door de wet van 22 mei 2003 houdende organisatie van de begroting. Inzake het voorstel artikel 2.12.7 te schrappen, geeft zij aan dat dit mechanisme ertoe strekt een vlotte uitvoering van de begroting te waarborgen, een spoedige betaling van de actoren van Justitie (met name de tolken en vertalers) mogelijk te maken, de implementatie van de strategische plannen te versnellen en de voornaamste problemen van het departement aan te pakken. Volgens haar vergemakkelijkt die regeling de volledige benutting van de door het Parlement toegewezen middelen. Ze weerlegt het argument dat het Parlement onvoldoende zicht zou hebben op de benutting van de kredieten door te verwijzen naar artikel 52, tweede lid, van de wet van 22 mei 2003, ingevolge waarvan herverdelingen zonder verwijl aan de Kamer van volksvertegenwoordigers en het Rekenhof worden meegedeeld. Ze stelt dat alle projecten en uitgaven bekend zijn bij het Parlement, aangezien zij gericht zijn op de tenuitvoerlegging van het regeerakkoord of op het aanpakken van oude structurele problemen op het gebied van Justitie, zoals de overbevolking van de gevangenissen, de digitalisering, de gerechtskosten en het gebrek aan investeringen in infrastructuur. Ze herinnert eraan dat er ook vorig jaar een budgettaire bijbepaling was en dat daar geen misbruik van is gemaakt.

Bronnen:

  • Beleidsnota Justitie 2026 van minister van Justitie Annelies Verlinden;
  • Wetsontwerp houdende de Algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 2026 - Advies over sectie 12 - Justitie - Verslag namens de commissie voor Justitie uitgebracht door de heer Christoph D'Haese van 11 maart 2026.
Meer informatie of een afspraak maken?